Kneden met taal: een meester-leerlingtraject in het letterkappen.
- verhaal
In 2024 gingen maar liefst 23 meesters en hun leerlingen samen aan de slag. Zij kregen een beurs voor het doorgeven van hun vakmanschap in een meester-leerlingtraject. ETWIE begeleidde zeven van deze trajecten in de opmaak van hun aanvraagdossier.
We zijn benieuwd hoe deze trajecten zich nu ontvouwen, welke uitdagingen de leerlingen en meesters tegenkomen en wat hen motiveert om met toewijding aan hun ambacht te werken. Daarom brengen we af en toe een bezoekje aan een van de zeven ateliers. Deze keer gingen we langs bij Kristoffel Boudens en Lahyona Versini, letterkappers met gevoel voor ritme.
Voor dit gesprek trekken we naar het poortgebouw van een kasteeldomein in het Brugse. Achter de zware poort zien we een winterse tuin met doorkijkjes, een prachtige lichtinval en verschillende bijgebouwen, met onder meer een letterkappersatelier. Dat is meteen duidelijk als we binnenstappen. We zien stenen met letters die her en der opgesteld staan in vitrinekasten, op de grond, aan de muur en op alle andere oppervlakken. Hier zijn Kristoffel en Lahyona aan het werk. Hij, letterkapper die officieel net met pensioen is en zij, artiest met een honger naar kennis en vakmanschap. En daarvoor is ze bij Kristoffel aan het juiste adres.
In de steen gerold
“Kristoffel is met van alles bezig,” zegt Layhona, “tekenen, schilderen, creëren. Dat trok mij aan. Ik wilde leren van iemand die verder kijkt dan het ambacht.”
In 2020 volgde Lahyona een VDAB-opleiding steenkappen, een cursus die echt focust op het bewerken van het materiaal. “Ik weet niet goed hoe ik erin rolde, maar dat materiaal is blijven hangen.” Intussen werkt ze ook als steenkapper bij een bedrijf, wat alleen maar voordelen biedt voor een letterkapper-in-spe. Het helpt om het basismateriaal beter te leren kennen. “Hoe maak je steen gladder, hoe reageert hij op slijpschijven? Het maakt me zekerder. En dat helpt me ook om beter te letterkappen.”
Letterpersoonlijkheid
Wanneer het over vorm en stijl gaat, komt Kristoffels kernvisie al snel naar boven. “Het aandeel dat steen daarin heeft kan je niet onderschatten,” zegt hij. “Naast kalligrafie en typografie is er voor mij een derde poot, die ook een eigenheid heeft: het steenschrift.”
Hij weet dat (nog) niet iedereen zo naar letterkappen kijkt, "maar ik maak er in mijn werk en in het doorgeven van mijn vak wel een punt van om die insteek mee te geven. Kijk, als je kalligrafische of typografische tekst letterlijk op steen nabootst, kan dat mooi zijn, maar voor mij ontbreekt dan een soort authenticiteit.”
Waar die visie vandaan komt? "Ik denk dat ik dat heb meegekregen in mijn opleiding tot kunstschilder. Kalligrafie en vooral typografie zijn dikwijls zeer ambachtelijk, maar in de schilderkunst moet je zelf iets proberen te ontwikkelen. Een eigen stijl of manier om de problemen die je tegenkomt, op te lossen. Ik heb dat meegenomen naar de steenletters en geprobeerd om een 'letterpersoonlijkheid' te worden." Lahyona knikt: “In het werk van Kristoffel kan je zijn hand ontdekken, dat maakt het zo uniek." De vergelijking met jazzmuziek valt, waar de bekende standards bij verschillende artiesten helemaal anders klinken, net zoals iedere letterpersoonlijkheid anders 'tekent'. Maar daar is dus tijd voor nodig, en ruimte om je basiskennis te kunnen verdiepen.
Trajanus
Daarover later meer. Eerst gaan we nog eens terug naar de steen: in welke mate maakt het voorbereiden van een steen eigenlijk deel uit van hun proces? "In mindere mate", vertelt Kristoffel, "want mijn focus als letterkapper ligt echt op het vormen van letters in die steen maar ons werk vertrekt natuurlijk wel vanuit de materie." Er zijn veel factoren die bepalen hoe een beletterde steen er zal uitzien en aanvoelen, vertelt het duo. De hardheid, de kleur, de oppervlaktetextuur, de korrelgrootte: alles beïnvloedt hoe een letter eruit kan zien. “Een steen die dieper uit de groeve komt, is bijvoorbeeld compacter,” vult Lahyona aan. “En in sommige stenen kan je dingen doen die in andere absoluut niet kunnen.”
De letterkappers schakelen een versnelling hoger, en plots zitten we in een privé-hoorcollege over de Trajanusletter. "Een pracht van een letter", vertelt Kristoffel, "die velen als een tijdloze letter beschouwen." De Trajanusletter kent heel nauwkeurige verhoudingen. De lengte van de schreefjes tegenover de dikte van de stammen, het dik-duncontrast, de diepte van de groef die je uitkapt: dat ligt allemaal vast. "Alleen: de Trajanusletter is ongeveer 13 cm hoog en komt uit Italië, waar met Carraramarmer gewerkt wordt. Dezelfde letters op kleiner formaat zetten, werkt niet echt en het is veel moeilijker om de fijne groefjes aan te houden die de verhoudingen voorschrijven."
Zo begon hij de schreefjes weg te laten, wat een nieuw probleem met zich meebracht: spatiëring. "Stilaan begon ik mijn letters te kneden en heb ik het metronoom ritme, waarbij de spatiëring tussen de letters volgens een strak tempo verloopt, losgelaten." Nu denkt hij in een muzikaal ritme, waarbij de letters en de spatiëring zo worden uitgekapt dat het binnenwit van de letters en het tussenwit beter kloppen. Lahyona: "Dat is wat we dus bedoelen met de nood aan dat derde vakgebied binnen het vastleggen van letters, naast de kalligrafie en typografie."
Kristoffel werkt intussen aan een boek waarin hij die visie uiteenzet. Het uitschrijven van zijn ideeën dwingt hem om alles steeds opnieuw te overwegen. "Om de praktijk en het uiteenzetten van die praktijk in een juiste relatie tegenover elkaar te proberen verwoorden."
Veel letters, en een beetje geluk
We zijn benieuwd: hoe is Kristoffel zelf letterkapper geworden? "Eigenlijk wilde ik kunstschilder worden", vertelt hij, "maar dat kwam niet echt van de grond waardoor ik op zoek moest naar een andere manier om de kost te verdienen. Mijn vader was kalligraaf, mijn broer was al letterkapper en zo ben ik in de wereld van de letters gerold. Ik zat aan de bron van heel veel informatie, én ik kon tekenen, twee redenen waardoor ik het een kans wilde geven." Tijdens een cursus bij een Franse kalligraaf merkte Kristoffel meteen dat het vormen van letters vlot ging, omdat hij toch een voorsprong had tegenover de andere studenten. Dat was een opsteker, waardoor hij besloot om bij zijn broer Pieter - toen de enige letterkapper in Vlaanderen die artistiek tewerk ging - te starten als leerjongen. "Maar na een tweetal maanden bleek dat er een administratief probleem was met mijn leercontract en van de ene dag op de ander moest ik ermee stoppen." Gelukkig had zijn vader connecties in de letterwereld, en zo kwam hij in Engeland bij een koppel terecht waar hij enkele maanden les kon volgen. "Dat was een groot geluk", vertelt Kristoffel. "Ik had twee leerkrachten en geen medestudenten, dus ik kon enorm veel bijleren op korte tijd."
Daarna ging hij lesgeven in Antwerpen, wat hem in staat stelde om een atelier te starten. Kleine anekdote, die alweer toont dat Kristoffel met de juiste portie geluk geboren is: "Er was eigenlijk nog een geïnteresseerde die het atelier wilde huren, maar ik boezemde meer vertrouwen in bij de eigenaar omdat ik toevallig op zijn boekhouder leek", lacht hij.
Intussen is Kristoffel al zo'n veertig jaar bezig met letterkappen. Wat maakt dat hij dat nog altijd met plezier doet? "Omdat ik altijd (deeltijds) lesgegeven heb. Zo had ik een vast inkomen dat me toeliet om enkel werk te aanvaarden dat ik graag deed." Zijn vrees dat hij na tien jaar zijn werk beu zou zijn, bleek ongegrond. "Ik ontdek altijd nieuwe deelgebieden en als ik in mijn portfolio blader, merk ik om de 7 à 10 jaar een duidelijke verandering in mijn stijl. Misschien omdat ik me ook afzet van het werk dat mijn broer en zussen maken." Lahyona reageert: "Toch merk ik een soort familiale trek in jullie werk. Weg van de conventie."
Groeien in letters
Er zijn altijd letterkappers geweest die functioneel werk zoals grafopschriften maken, maar de artistieke focus van Kristoffels broer Pieter was in de jaren '80 wel uniek in Vlaanderen. Hij heeft een aantal leerlingen gehad die later ook een eigen atelier gestart zijn, en vooral in de jaren '90 kende het letterkappen een bloeiperiode. Nu zijn die mensen ook ouder, gaan ze met pensioen en neemt de interesse van mensen die het vak professioneel willen uitvoeren terug af.
Voor iemand als Lahyona, die het vak in de diepte wil leren kennen, is een meester-leerlingtraject dan ook de enige manier om een gegronde opleiding te volgen. "Er zijn hier en daar wel cursussen en mensen te vinden die graag lesgeven", vult Lahyona aan. "Zo kan je wel de techniek van het letterkappen onder de knie krijgen. Maar het ontwikkelen van inzicht in, en het en tekenen van letters kan ik enkel hier in de diepte leren."
Meester-leerlingtraject
Het duo is hun traject op een bijzondere manier gestart: met een reis naar Rome zowaar. Daar gingen ze op letters jagen, notities maken en tekeningen schetsen. Lahyona: "Het was de perfecte start van een intensieve leerperiode, want op een bepaalde manier zijn we daar als gelijken naartoe getrokken. Daarna kwam ik twee dagen per week langs in het atelier hier, om op te starten. En nu zien we elkaar wekelijks. Kristoffel geeft me dan eerst uitgebreid feedback op mijn thuiswerk, en de rest van de namiddag besteden we elk aan onze eigen creaties. "
De manier waarop Kristoffel bij zijn broer les kreeg, gewoon door mee te draaien in het atelier zou hier niet werken. Want de manier waarop hij - Kristoffel - werkt, kan ik niet gewoon kopiëren. Dat is iets technisch: in zijn ontwerp traceert hij enkel de hartlijn van de letter. Die geeft wel de plaats aan van de letter, maar de effectieve tekening in de steen maakt hij eigenlijk à la minute, met de beitel. Dat doe je niet gewoon na."
Dromen van de toekomst
We stellen de vraag graag: welke dromen of doelen zouden deze meester en leerling graag nog bereiken binnen het letterkappen?
"Mijn droom is dat het idee van steenletters als derde poot zich verspreidt, en daar hoort dat boek wel bij", zegt Kristoffel. "Ik merk dat het sporadisch lesgeven, wat ik zeer graag deed en doe, wel zijn beperkingen heeft in het delen van mijn visie." En Lahyona? "Ik zou graag het letterkappen kunnen combineren met beeldhouwen. Het is nog een zoektocht, maar ik wil graag artistiek iets uitbouwen en daar ook mijn brood mee kunnen verdienen."
Voor Kristoffel is dit zijn derde meester-leerlingtrajet. Elke leerling en dus ook elk parcours dat ze samen doorlopen is anders, maar er komt wel telkens een vriendschap uit voort, vertelt hij. We horen het niet voor het eerst: na een meester-leerlingperiode is het ook telkens zoeken naar hoe je zo'n band verder vormgeeft, los van een leraar-studentverhouding.
We vragen het ook aan Lahyona. Hoe voelt dat voor haar, zo'n intensief traject? "Wel: intensief" zegt ze al lachtend, "maar ook omdat ik het combineer met andere dingen in mijn leven. En daarnaast is het technische aspect ook uitdagend. Wat Kristoffel me aanleert, kan ik niet altijd meteen correct uitvoeren. Dan zet ik bijvoorbeeld een letter te zwaar aan. Dat is ook moeilijk soms." Kristoffel relativeert: de perfectie waar hij in zijn werk naar streeft betreft vooral cadans en gevoel, maar hij ziet ook een betekenis in steeds terugkerende foutjes. "Een tekenstijl die vanzelf komt, moet je volgens Kristoffel ook aanvaarden. Zo bén je", zegt Lahyona. "Dat gaat eigenlijk veel dieper dan die letters en dat vind ik wel mooi." We kunnen haar alleen maar gelijk geven.
Locaties
Verwante gemeentes