Een meester-leerlingtraject in het kuipen.
- verhaal
In 2024 gingen maar liefst 23 meesters en hun leerlingen samen aan de slag. Zij kregen een beurs voor het doorgeven van hun vakmanschap in een meester-leerlingtraject. ETWIE begeleidde zeven van deze trajecten in de opmaak van hun aanvraagdossier.
We zijn benieuwd hoe deze trajecten zich nu ontvouwen, welke uitdagingen de leerlingen en meesters tegenkomen en wat hen motiveert om met toewijding aan hun ambacht te werken. Daarom brengen we af en toe een bezoekje aan een van de zeven ateliers. Deze keer brachten we een bezoek aan het kuipersmuseum in Nevele van Marleen Bonami. In het atelier bij het museum geeft ze de kneepjes van het kuipersambacht door aan haar leerling Thomas Coene.
Kuiperij
We beginnen bij het begin: wat doet een kuiper nu eigenlijk? Wel, kuipen maken natuurlijk. En ook vaten. Een kuiper kan van losse stukken hout planken en gebogen duigen maken, die door vezeltouwen, hoepels of metalen banden bijeen worden gehouden. De duigen worden dus niet verlijmd of vastgenageld, zoals wel eens wordt gedacht, maar met nauwkeurig vakmanschap vervaardigd en vastgezet door de kuiper van dienst.
Zoals Marleen en Thomas, die duidelijk een passie voor het kuipen delen. Rode draad doorheen ons gesprek is de relevantie van het ambacht, want ook de dag van vandaag zijn er nog steeds kuipers aan de slag bij heel wat brouwerijen en stokerijen. Tijdens hun meester-leerlingtraject focust het duo dan ook niet alleen op het een-op-een doorgeven van vakkennis, maar ook op het bekender maken van het kuipen bij een breder publiek. Zo houdt Thomas een Instagrampagina bij over het kuipersleven, en zijn hij en Marleen geregeld te vinden op ambachtenmarkten.
Maar daarover later meer. We beginnen bij de start van het meester-leerlingtraject, in januari 2024. Thomas is meteen vol lof over het traject en duidelijk een enthousiaste kuiper in wording. “Van Marleen leer ik niet alleen vaten en bloemkuipen maken en restaureren, maar ook alles daarrond. De verhalen, de plekken waar nog kuipers werken, de stages... het is al heel interessant geweest," vertelt hij. “En we zijn nog lang niet aan het einde van wat er te leren valt,” vult Marleen aan. Het vak is rijk en complex, en het meester-leerlingtraject vormt het perfecte kader om die diepgaande kennis over te dragen, vinden ze allebei.
Een veelzijdig leerpad
Inmiddels hebben ze al heel veel gedaan: van atelierwerk over demonstraties tot stages, Marleen zorgt voor een rijkgevuld leerprogramma. "Het is niet zo simpel om een leerplan vooraf op te maken," legt Marleen uit. "Je moet met de planning en opportuniteiten van anderen rekening houden, en die kunnen al eens veranderen. Maar uiteindelijk is alles toch al heel goed verlopen." Zo spendeerde het duo onder meer drie dagen bij brouwerij Rodenbach voor een stage. Dergelijke brouwerijen blijven voor hun biervaten immers afhankelijk van kuipers. “Bij Rodenbach is nog een kuiper aan het werk, en wij mochten meewerken aan de restauratie van een groot, rechtopstaand vat, wat natuurlijk heel leerrijk was” vertelt Thomas.
Het blijft niet bij biervaten, want de opdrachten voor kuipers variëren. Zo kregen ze de vraag om voor een looptijd van tien jaar twee nieuwe kuipen per jaar te maken voor een externe parnter. Niet om te brouwen, maar om laurierbomen in te zetten. Een heel mooie opdracht, noemt Marleen het. Daarnaast richten Thomas en Marleen zich op het hergebruiken van vaten. Omdat nieuwe vaten duur zijn, schrapen ze oude vaten om de brandingslaag te vernieuwen. Die laag bepaalt namelijk de smaak van de drank die er in rijpt. “Na drie jaar verdwijnt die smaak, en dan moet je de laag afschrapen om opnieuw te kunnen branden,” legt Thomas uit. “Zo gaat een vat twee keer mee, wat zowel economisch als ecologisch voordelig is.”
Geen ambacht zonder gevoel
In de Champagnestreek leerde Thomas over vier verschillende gradaties van branding, die niet met een klokje worden afgemeten, maar op gevoel. De juiste ‘feel’ en geur zijn essentieel voor het resultaat. “Dat proces is onvervangbaar. Inoxvaten en toegevoegde smaakmakers kunnen die authentieke smaak van een gebrand vat nooit evenaren,” vertelt hij. Daarom is de wisselwerking tussen kuipers en brouwers ook echt een meerwaarde. “Een kuiper die begrijpt hoe de vorm van een vat het eindproduct beïnvloedt, kan beter vakwerk leveren,” zegt Thomas. Frank Boon, een brouwer met veel kennis van beide werelden, is dan ook een inspirerend voorbeeld.
Samen leren en ontdekken
Meester en leerling zien elkaar ongeveer om de twee weken. Al plannen ze soms ook meerdaagse leeruitstappen, zoals een bezoek aan Zuiderzee waar haringtonnen gemaakt worden: alweer een totaal andere tak van het kuipen. Om het leertraject haalbaar te houden, voorzien ze na zo'n intensieve periodes ook minder drukke weken.
Maar toch: naast werken in het atelier, staan er ook workshops en demonstraties in de agenda. Zo staat Marleen - samen met haar man - geregeld op ambachtenmarkten, en Thomas helpt steeds vaker mee. Elke markt is anders, vertellen ze. Op sommige plekken wandelen de passanten gewoon langs, waar op andere markten mensen echt stoppen om vragen te stellen of een gesprek aan te knopen. Het kuipersduo vindt het fijn om bezoekers op die momenten meer over hun ambacht te vertellen en hen te inspireren.
En dan zijn er nog de stoeten, waar de kuipers op een wagen al rijdend hun vakmanschap tonen. “Dat is weer een heel andere ervaring,” vertelt Marleen al lachend, “bijvoorbeeld als het paard dan halt houdt, want dan schokken de wagen en wij natuurlijk mee.” Thomas komt uit Poperinge, waar de driejaarlijkse Hoppefeesten een hoogtepunt op de culturele kalender vormen. Voor de afgelopen editie in september 2024 werd toen speciaal een kuiperswagen gebouwd, die nu geduldig staat de wachten op de volgende keer dat ze mogen uitrijden. (In 2026, je weet waar naartoe van 18 tot 20 september.)
Krachttoeren
Is het traject soms te zwaar of intensief? Voor Thomas niet. “Ik heb me voor dit traject geëngageerd en ga er volledig voor. Het is inderdaad intensief, maar wie daar niet klaar voor is, moet er niet aan beginnen.” Hij vindt elk aspect van het vak boeiend: van het technische leren tot het geven van workshops en het meedoen aan markten, en ook het zware fysieke werk schrikt hem niet af.
Patrick komt er even bij, en vult aan: "Het vraagt veel kracht om een kuip waterdicht te maken. De ijzeren banden die de duigen bijeenhouden, zet je bijvoorbeeld vast met een hamer van drie kilo. Bij grote vaten - die zijn wel vijf meter hoog - moet je met meerdere mensen samenwerken om het werk uit te voeren.”
En in de toekomst...
Thomas droomt ervan om van het kuipen zijn voltijds beroep te maken. “Mijn vrouw steunt me gelukkig daarin, want het vergt veel tijd en inzet.” Hij wil niet alleen alle vaardigheden onder de knie krijgen en inzetten, maar het vak ook bekender maken in België. “Vroeger had elke brouwerij een vaste kuiper, maar nu is dat bijna verdwenen. Ik hoop dat ik bij zoveel mogelijk brouwerijen kan werken, zodat de traditie blijft bestaan.”
Voor Marleen is het fysieke werk inmiddels te zwaar geworden, maar het meester-leerlingtraject met Thomas zou ze graag nog verlengen. Daarna hoopt ze nog één laatste leerling te begeleiden. “Ik dacht eigenlijk dat Thomas mijn laatste leerling zou zijn, maar het blijft toch kriebelen.”
Thomas sluit hoopvol af: “Het is belangrijk dat mensen van mijn generatie de kneepjes van het vak leren. Ook voor het werken aan grote vaten, want daarvoor heb je echt een team nodig." De eerste stappen zijn alvast gezet, want Marleens leerlingen verenigen zich nu al om samen grotere opdrachten aan te pakken. Leven in de brouwerij, zo zien we het graag natuurlijk!