contact
MyEtwie
In de kijker

Wie zoekt, die vindt ... zakloodjes

Gepubliceerd op 25/05/2021
Categorie
Fertiphos van s.a. Produits Chimiques de Tessenderloo, emailplaat, 1938, foto: Jan De Plus
Foto: Jan De Plus, Fertiphos van s.a. Produits Chimiques de Tessenderloo, emailplaat, 1938. Bemerk de loodjes aan de toegeknoopte hoekjes van de zakken.

Al gehoord van zakloodjes? Dat zijn kleine loden zegels met een diameter van ca. 5 cm die tot het midden van de 20ste eeuw werden gebruikt om zakken te sluiten. Dat kon gaan om zakken post, maar evengoed om zakken graan, bloem, koffie, guano (vogelmest) en kunstmest. Omdat zowel guano als kunstmest op de akker in een kunstmeststrooier werd gegoten, vinden landbouwers of metaaldetectoristen ze daar wel eens. Mogelijks ook op het erf van de boerderij, waar verschillende zakken kunstmeststof geopend werden om af te wegen, in een bepaalde verhouding te mengen en de strooier te vullen.

Niet altijd beseffen de vinders welke informatie zo’n loodje kan prijsgeven, waardoor vele vondsten niet (of verkeerd) geregistreerd worden. Zo zijn er bijvoorbeeld 'lakenloodjes' aangegeven die eigenlijk loodjes van meststofzakken zijn. Hieronder voorbeelden van een zakloodje van 'Ohlendorff & Cie', deze grote guano-importeur en kunstmeststoffenproducent had een fabriek langs de Schelde in Burcht, en hoofdzetel in Antwerpen. Ze gebruikten de hoorn des overvloed als symbool voor hun 'opgeloste peru-guano' meststoffen.

Zakloodje Ohlendorff_bySPanis_ETWIE
Zakloodje Ohlendorff1_bySPanis_ETWIE
Zakloodje Ohlendorff2_bySPanins_ETWIE
Zakloodje Ohlendorff3_bySPanis_ETWIE

De (kunst)mestloodjes deden vooral dienst als een garantiezegel. Een intact zegel maakte de klant duidelijk dat er niet met de inhoud van de zak was geknoeid tijdens het transport. En dat was nodig, want zodra (kunst)meststoffen gebruikt werden, ontstond er ook een lucratieve handel van vervalste meststoffen, die op het zicht moeilijk te onderscheiden waren van de echte. Om te weten wat er nu precies in de zak zat, en welk stikstof, fosfaat en kali-gehalte de inhoud heeft, kon de boer een staal sturen naar de staatslaboratorium. Tegelijk was het een kwaliteitsgarantie van de fabrikant. Het zegel vermeldde de naam van het product of het logo van de fabriek en de grootste fabrieken van het land lieten hun producten keuren door een staatslaboratorium.

Vandaag leert zo’n loodje ons vooral welke handelaars en producenten er waren en welke van hun producten waar in Vlaanderen werden uitgestrooid. En laat dat nu net interessant zijn voor de veldtekening over kunstmest die CAG en ETWIE samen maken. Maar niet alleen wij zijn geïnteresseerd. Ook het Agentschap Onroerend Erfgoed en het platform voor metaalvondsten Medea zouden graag meer zakloodjesvondsten kunnen opnemen in de Centrale Archeologische Inventaris en vondstendatabank. Er geldt geen meldingsplicht voor vondsten jonger dan 1800 (tenzij ze uit één van de wereldoorlogen stammen), en professionele archeologen graven de lagen waarin zakloodjes kunnen liggen vaak weg omdat ze dieper zoeken. Daarom zijn er nog maar amper zakloodjes geregistreerd. Maar wat niet is, kan nog komen. Dus: heb je ooit zo’n loodje gevonden? Aarzel niet, en neem contact op met greet.draye@cagnet.be of robin@etwie.be.

En met dank aan Stan Panis, die met zijn publicatie 'Over Guano, de zakloodjes vertellen het verhaal' deze ogenschijnlijk irrelevante archeologische vondsten op de kaart heeft gezet. Nu is het vooral nog een kwestie van informeren en vooral méér vondsten registreren. De beelden van de zakloodjes van Ohlendorff hierboven komen uit de collectie vondsten van Stan Panis, Testa vzw.

Verwante gemeentes

Google Maps laden ...